St. Barbara is de
schutspatrones van alle beroepen die
te maken hebben met vuur en springstoffen. Naast artilleristen zijn dat
onder meer mijnwerkers, brandweer en tunnelbouwers.
De legende van St. Barbara
In de tijd van Keizer Maximianus woonde in Nikomedeia, hoofdstad van
Bithynie, de rijke heiden Dioscorus.
Zijn
dochter Barbara was zo mooi, dat hij haar opsloot in een toren, zodat
geen man haar zou zien. Barbara dacht in haar eenzaamheid
veel na
over godsdienstige zaken. Hierover schreef zij een brief aan de
geleerde Origenes, die te Alexandria het christelijk geloof onderwees.
In deze brief beschreef Barbara haar problemen met het veelgodendom,
waarop Origines zijn Helper Valentinus stuurde, die Barbara onderwees
en tenslotte doopte.

Dioscorus
wilde Barbara uithuwelijken aan een van de invloedrijke
burgers
van de stad, maar zij werd boos en antwoordde “Dwing mij daar niet toe,
vader”. Toen Dioscorus enige tijd later naar het buitenland moest gaf
hij opdracht voor haar een badhuis te bouwen. Tijdens de bouw gaf
Barbara opdracht om aan de zuidzijde drie in plaats van twee vensters
aan te brengen, hetgeen uiteindelijk ook gebeurde.
Teruggekomen
zag Dioscorus de vensters, waarop Barbara vertelde dat de Drieëenheid
evenzo de wereld verlicht.
Dioscorus trok woedend zijn zwaard
om zijn dochter te doden, maar op Barbara’s (schiet)gebed opende zich
de muur van het badhuis waarin zij werd opgenomen. Op wonderbaarlijke
wijze werd ze boven op een berg geplaatst. Een schaapherder verried
haar verblijfplaats aan Dioscorus, waarop zij de herder vervloekte.
Deze veranderde in een marmeren beeld en zijn schapen in sprinkhanen.
Dioscorus
sloeg haar, trok haar aan haar haren mee, boeide haar met kettingen en
sloot haar op. Enige tijd later werd zij voor prefect Marcianus geleid,
welke probeerde haar aan de heidense goden te laten offeren. Zij
weigerde dit, waarna zij werd ontkleed, tot bloedens toe gegeseld en in
de gevangenis geworpen.

Daar
verscheen haar Christus, die haar moed insprak en haar wonden genas. De
volgende dag werd Barbara weer voorgeleid, volhardde in haar weigering
en verklaarde dat Christus haar wonden had genezen. Daarop werd zij
weer gemarteld, maar bleef standvastig in haar geloof.
Marcianus
liet haar onder voortdurende geselingen naakt door de straten voeren.
Barbara bad om hulp, waarop een engel neerdaalde en haar met een wit
gewaad bedekte. Barbara werd naar een heuvel gevoerd en deed een
laatste gebed.
Daarna onthoofdde haar vader haar eigenhandig,
maar toen hij van de heuvel afdaalde, kwam er een bliksemflits die hem
doodde en geheel tot as verteerde. Zo stierf Barbara op 5 december,
onder keizer Maximianus en de prefect Marcianus.
Als datum van haar dood word echter vrij algemeen 4 december
aangehouden. Op deze datum wordt haar naamdag gevierd.